Originele publicatie downloaden:
Link naar originele publicatie:
Type bekendmaking:
algemeen verbindend voorschrift (verordening)
Publicatiedatum:
donderdag 20 oktober 2022



Nadere regel meerkosten Covid-19 Jeugdwet en Wmo 2021-2022

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Zundert;

 

gelezen het bepaalde in art. van

 

overwegende dat

  • -

    Dat de rijksoverheid de gemeenten financiële middelen beschikbaar heeft gesteld om de extra kosten die zorgaanbieders Jeugdwet en WMO hebben i.v.m. met COVID-19 te compenseren;

  • -

    Dat 9 West-Brabantse gemeenten hebben besloten daartoe, ook met het oogmerk om de administratieve lasten voor zowel gemeenten als zorgaanbieders zo veel mogelijk te bepreken, de wens hebben uitgesproken intensief samen te werken;

  • -

    Dat het uitgangspunt hierbij is dat zorgaanbieders die contracten hebben met één, meerdere of alle gemeenten, slechts bij een loket een verzoek tot compensatie kunnen indienen;

  • -

    Dat gemeenten in een fonds de door het Rijk beschikbaar gestelde middelen door hebben gestort en ook maximaal die bijdragen willen vergoeden; Dat de gemeente Roosendaal is verzocht zorg te dragen voor een adequate verdeling van deze middelen op basis van vooraf gezamenlijk vaststelde spelregels;

  • -

    Overeenkomstig de regeling Meerkosten COVID-19 Jeugdwet en WMO zoals die ook voor 2020 is vastgesteld nu de regeling voor 2021-2022 vast te stellen;

  • -

    Dat daartoe alle betrokken gemeenten de navolgende nadere regeling Meerkosten Covid-19 Jeugdwet en WMO hebben vastgesteld;

  • -

    Dat de gemeenten de uitvoering van de regeling integraal hebben gedelegeerd aan de gemeente Roosendaal.

gelet op de Algemene subsidieverordening gemeente Zundert

 

besluit:

 

  • 1.

    vast te stellen de Nadere regel meerkosten Covid-19 Jeugdwet en Wmo 2021-2022

Artikel 1. Beleidsdoel

Het vergoeden van de meerkosten voor zorgorganisaties en professionals, werkzaam binnen het gebied van een van de deelnemende gemeenten, welke meerkosten direct voortkomen uit het volgen van de richtlijnen van het RIVM als gevolg van de coronacrisis vallende onder de Jeugdwet en de WMO.

Artikel 2. Subsidiabele activiteiten

De meerkosten, niet zijnde omzetderving, zoals genoemd onder artikel 1, gemaakt in de periode 1 januari 2021 tot en met 31 december 2021 en de periode 1 januari 2022 tot en met 31 december 2022, die aantoonbaar, proportioneel, doelmatig en exclusief zijn.

Artikel 3. Doelgroep

Subsidie wordt uitsluitend aangevraagd door en verstrekt aan de aanbieder. Indien er sprake is van een hoofdaannemer, dan wel de penvoerder, dient respectievelijk die hoofdaannemer of penvoerder de subsidie aan te vragen en wordt de subsidie aan hen verleend.

Artikel 4. Aanvullende weigeringsgronden

Aanvullend op artikel 8 van de Algemene subsidieverordening zal de subsidie in ieder geval geweigerd worden indien er sprake is van:

  • 1.

    Hogere overheadkosten van aanbieders.

  • 2.

    Vergoeding van niet-geleverde zorg (valt onder continuïteit van financiering).

  • 3.

    Alternatieve levering van zorg (valt onder continuïteit van financiering).

  • 4.

    Uitgestelde vraag van noodzakelijke zorg (valt onder effecten na corona).

  • 5.

    Een hogere vraag naar zorg of maatschappelijke voorzieningen die niet een direct gevolg is van de coronamaatregelen.

Artikel 5. Aanvraag

In aanvulling op de in artikel 5 lid 2 van de Algemene subsidieverordening genoemde gegevens, moet gebruik gemaakt worden van het beschikbare format zoals dat beschikbaar gesteld wordt en moeten er bewijsstukken meegezonden worden die direct inzicht geven in de gemaakte meerkosten in de periode 1 januari 2021 tot en met 31 december 2021 en de periode 1 januari 2022 tot en met 31 december 2022.

Artikel 6. Bepaling subsidiehoogte

  • 1.

    De hoogte van de subsidie is overeenkomstig de hoogte van de aanvraag echter nooit hoger dan het subsidieplafond.

  • 2.

    Het subsidieplafond wordt door de gemeenteraad vastgesteld.

  • 3.

    Verstrekking van subsidie vindt plaats op volgorde van categorieën, zoals genoemd in artikel 7, totdat het vastgestelde subsidieplafond is bereikt. De categorie die dan niet meer volledig vergoed kan worden, zal dan naar rato van de totale aanvragen van die categorie vergoed worden.

  • 4.

    Indien uiteindelijk blijkt dat het subsidieplafond bij de één (Jeugdwet of de WMO) niet bereikt wordt na het beoordelen en afhandelen van de aanvragen, dan zal het beschikbare bedrag tot het subsidieplafond worden ingezet bij de andere.

Artikel 7. Volgorde kosten die voor subsidie in aanmerking komen

  • 1.

    Het college zal de subsidie voor meerkosten Jeugdwet verstrekken op vaste, limitatieve, volgorde zoals hieronder beschreven:

    • a.

      Beschermingsmiddelen, inclusief de kosten voor zelftesten voor zorgpersoneel en vaccinatiekosten;

    • b.

      Personele kosten;

    • c.

      Quarantaine opvang;

    • d.

      Huur locaties;

    • e.

      Extra inzet eigen personeel;

    • f.

      Arbo kosten;

    • g.

      Alternatieve zorgverlening;

    • h.

      Extra vervoerskosten;

    • i.

      Overige meerkosten;

  • 2.

    Het college zal de subsidie voor meerkosten WMO verstrekken op vaste, limitatieve, volgorde zoals hieronder beschreven:

    • a.

      Beschermingsmiddelen, inclusief de kosten voor zelftesten voor zorgpersoneel en vaccinatiekosten;

    • b.

      Personele kosten;

    • c.

      Huur locaties;

    • d.

      Extra vervoerskosten;

    • e.

      Extra inzet eigen personeel;

    • f.

      Quarantaine opvang;

    • g.

      Alternatieve zorgverlening;

    • h.

      Arbo kosten;

    • i.

      Overige meerkosten.

  • 3.

    De meerkosten kunnen alleen ingediend worden voor Jeugdwet of WMO. Dubbel ingediende meerkosten zullen niet in behandeling worden genomen. Indien een factuur bestemd is voor zowel de Jeugdwet als de WMO als voor een andere regeling waarbij de gemeente niet betrokken is, kan deze gesplitst worden naar rato van het aandeel omzet Jeugdwet en WMO (en/of andere regeling).

  • 4.

    Minderkosten die te relateren zijn aan de geleverde zorg worden verrekend met de meerkosten. Meerkosten op het ene onderdeel van zorgverlening, dienen verrekend te worden met minderkosten op andere onderdelen van de zorgverlening. Een en ander zoals verder uitgewerkt in de instructie van het i-sociaal domein.

Artikel 8. Afwikkeling aanvraag

  • 1.

    De ontvangst, beoordeling en beslissing op de aanvraag subsidie wordt door het college gedelegeerd aan het college van de gemeente Roosendaal, evenals het behandelen van bezwaar en beroep.

  • 2.

    In afwijking van artikel 6 van de Algemene subsidieverordening moet de subsidie aangevraagd worden

    • Voor de periode 1 januari 2021 tot en met 31 december 2021 moet de subsidie uiterlijk 14 november 2022 aangevraagd worden;

    • Voor de periode 1 januari 2022 tot en met 31 december 2022 kan de subsidie vanaf 3 april 2023 tot uiterlijk 15 mei 2023 worden aangevraagd.

  • 3.

    In afwijking van artikel 8 van de Algemene subsidieverordening beslist de gemeente Roosendaal binnen 6 weken na ontvangst van de volledige aanvraag.

  • 4.

    De subsidie wordt door de gemeente Roosendaal direct vastgesteld.

Artikel 9 Intrekking

De Nadere regel Meerkosten Covid-19 Jeugdwet en WMO, vastgesteld op 26 januari 2021, wordt ingetrokken.

Artikel 10. Inwerkingtreding

De regeling treedt in werking op 1 oktober 2022.

Artikel 11. Citeertitel

Deze nadere regel worden aangehaald als: “Nadere regel Meerkosten Covid-19 Jeugdwet en WMO 2021-2022”

Aldus besloten in de vergadering van 30 augustus 2022

Burgemeester en wethouders van Zundert,

de secretaris,

drs. J.W.F. Compagne

de burgemeester,

J.G.P. Vermue